opslag

De volgende opties hebben betrekking op de bibliotheekdatabase van darktable en XMP sidecar-bestanden.

🔗database

controleren op databaseonderhoud
Geeft aan wanneer darktable moet controleren op databasefragmentatie en onderhoud moet uitvoeren. Opties zijn “nooit”, “bij de opstart”, “bij het afsluiten” en “op beide”. Elk van deze is ook beschikbaar met een extra “(niet vragen)"-optie om de controles automatisch uit te voeren zonder te vragen (standaard “bij sluiten”).
Drempel database fragmentatieverhouding
Fragmentatieverhouding (in procent) waarboven database-onderhoud moet worden uitgevoerd (afhankelijk van de selectie in de bovenstaande optie) (standaard 25).
maak een momentopname van database
Specificeert hoe vaak darktable database-momentopnames moet maken. De opties zijn “nooit”, “eenmaal per maand”, “eenmaal per week”, “eenmaal per dag” en “bij het afsluiten” (standaard “eenmaal per week”)
hoeveel momentopnamen bewaard worden
Aantal momentopnames dat moet worden bewaard na het maken van een nieuwe momentopname, de databaseback-ups die zijn gemaakt bij het wisselen tussen darktable-versies niet meegerekend. Voer “-1” in om een onbeperkt aantal momentopnames op te slaan. (standaard 10)

🔗xmp

maak voor elke afbeelding een xmp-bestand
XMP-bestanden bieden een redundante methode voor het opslaan van de wijzigingen die je in een afbeelding hebt aangebracht, naast de wijzigingen die zijn opgeslagen in de database van darktable. Met deze optie kan je kiezen wanneer je deze bestanden wilt schrijven. Kiezen uit:
  • nooit: schrijf geen XMP-bestanden. Dit kan handig zijn als je meerdere versies van darktable gebruikt voor ontwikkelings-/testdoeleinden, maar wordt normaal gesproken niet aanbevolen
  • bij importeren: een XMP-bestand wordt geschreven zodra je een afbeelding toevoegt aan de bibliotheek van darktable en wordt vervolgens bijgewerkt elke keer dat je het bewerkt
  • nee editeren: de eerste keer dat je een bewerking op een afbeelding uitvoert, wordt een XMP-bestand geschreven en bij elke volgende bewerking bijgewerkt. Bij importeren wordt standaard geen XMP-bestand gegenereerd.

Het wordt sterk aanbevolen om ofwel “bij import” of “na bewerking” te kiezen. XMP-bestanden bieden een handige fail-safe, zodat je geen gegevens verliest als jouw database beschadigd raakt. Door een back-up van jouw onbewerkte bestand plus het bijbehorende XMP-bestand te maken, kunt je jouw werk op een later tijdstip volledig herstellen door jouw bewerkingsgeschiedenis opnieuw in darktable te importeren (standaard “bij importeren”).

xmp-labels opslaan in gecomprimeerd formaat
Vermeldingen in XMP-labels kunnen behoorlijk groot worden en kunnen de beschikbare ruimte overschrijden om de geschiedenis in sommige uitvoerbestanden bij export op te slaan. Met deze optie kunnen binaire XMP-labels worden gecomprimeerd om ruimte te besparen. Beschikbare opties zijn “nooit”, “altijd” en “alleen grote ingangen” (standaard).
zoek bij het opstarten naar bijgewerkte xmp-bestanden
Scan alle XMP-bestanden bij het opstarten en controleer of ze in de tussentijd zijn bijgewerkt door andere software. Als bijgewerkte XMP-bestanden worden gevonden, wordt een menu geopend waarin de gebruiker kan kiezen welke van de XMP-bestanden opnieuw moet worden geladen (waarbij de database-ingangen van darktable worden vervangen door de inhoud van het XMP-bestand) en welke van de XMP uit de database van darktable moet worden overschreven. Het activeren van deze optie zorgt er ook voor dat darktable controleert op secundaire tekstbestanden die zijn toegevoegd na de importtijd (standaard uitgeschakeld).

translations